Besluit en uitleg straatnamen Bronsgeest
Voor de nieuwe wijk Bronsgeest heeft het college van burgemeester en wethouders de straatnamen gekozen. Op de plattegrond ziet u de straatnamen in verschillende kleuren. Onder de plattegrond leggen wij uit waar de straatnamen vandaan komen.
Bent u het niet eens met dit besluit? Dan kunt u binnen zes weken na de datum van publicatie bezwaar maken. U moet uw bezwaar schriftelijk sturen naar het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Noordwijk, Postbus 298, 2200 AG Noordwijk. In uw bezwaar moeten in ieder geval uw naam en adres staan, de datum waarop u het bezwaar indient en de reden waarom u het niet eens bent met het besluit. Het indienen van een bezwaar betekent niet dat het besluit tijdelijk wordt stopgezet.
Abdijstraat
In dit gebied stond vroeger een klooster met de naam Abdij van Leeuwenhorst. Dit was een klooster voor adellijke vrouwen. Het klooster werd in 1261 gesticht bij Noordwijkerhout. Binnen de muren van het klooster waren boomgaarden en een kruidentuin. In 1573 werd het klooster verwoest tijdens het Beleg van Leiden. In de eeuwen daarna kwamen er op deze plek verschillende buitenplaatsen, zoals Oud Leeuwenhorst. Het klooster heeft vroeger een belangrijke rol gespeeld voor Noordwijk en Noordwijkerhout.
Fagelstraat
Casper Fagel was raadspensionaris in de periode van 1676 tot 1688. Hij was eigenaar van het landgoed Oud Leeuwenhorst. Op dit landgoed liet hij een botanische tuin aanleggen. In deze tuin groeiden bijzondere planten. Het ging om zeldzame en exotische planten uit binnen- en buitenland. Casper Fagel hoorde bij een groep belangrijke verzamelaars en tuinliefhebbers in de 17e eeuw. Zo hielp hij mee om kennis over planten in Nederland te verspreiden.
Botanicus
Casper Fagel was niet alleen raadspensionaris, maar ook botanicus van beroep. In de middeleeuwen was een botanicus iemand die werkte met planten en kruiden. Deze persoon hield zich bezig met het kweken en gebruiken van geneeskrachtige kruiden. Vaak werkte een botanicus bij een klooster of in een kruidentuin. De naam botanicus komt van het kruid “betonica”. Dit kruid stond bekend om zijn genezende werking. Een botanicus had veel kennis van planten, hoe ze groeien en hoe ze kunnen helpen bij de behandeling van ziekten en wonden. Aan de andere kant van Bronsgeest, in de wijk Boerenburg aan de overkant van de Gooweg, zijn al straatnamen die verwijzen naar andere bekende plantenkenners. De naam Botanicus past daarom goed bij bestaande straatnamen in Noordwijk, zoals de Rembert Dodoenstraat, Symon Meeszstraat en de Clusiusweg.
Kruidentuin
In de gemeente Noordwijk waren vroeger meerdere kruidentuinen. Kruiden waren heel belangrijk voor Noordwijk. De kruiden uit Noordwijk waren zelfs bekend in heel Europa. Een straatnaam die verwijst naar een kruidentuin past daarom goed bij deze rijke geschiedenis. De kruidentuin van het landgoed Leeuwenhorst hoorde al sinds de middeleeuwen bij het kloosterleven van de nonnen. De tuin had daardoor een grote historische waarde. In de tuin werden geneeskrachtige kruiden en keukenkruiden gekweekt. Deze kruiden waren belangrijk voor het dagelijks leven en voor de zorg in het klooster. De kruidentuin laat zien hoeveel kennis de kloosterlingen hadden over natuur en geneeskunde. Ook laat de tuin zien dat zij zoveel mogelijk zelf voor hun voedsel en welzijn zorgden. De kruidentuin is daarom een belangrijk symbool van de culturele en agrarische geschiedenis van Leeuwenhorst.
Leeuwerikslaan
Vroeger leefde in het agrarische landschap van Noordwijk een vogel met de naam leeuwerik. De leeuwerik is een kleine zangvogel. In de 19e en het begin van de 20e eeuw kwam deze vogel veel voor in open akkerland. In die tijd bestond het gebied rond Noordwijk vooral uit grote landbouwvelden. Tussen de velden stonden bomenrijen en houtwallen. Dit gaf het landschap een rustig en landelijk karakter. In dit open landschap leefde de leeuwerik. Het ontwerp van de nieuwe weg sluit aan bij dit vroegere landschap. Aan één kant van de weg ligt een sloot. Deze sloot herinnert aan de oude indeling van het land en het agrarische gebruik van het gebied. Zo roept de weg het beeld op van het open landschap waarin vogels zoals de leeuwerik vroeger leefden.