Aangifte doen van overlijden

Als iemand overlijdt, moet dat worden doorgegeven aan de gemeente waarin de persoon is overleden. Dit doet u voordat de begrafenis of crematie plaatsvindt.

Vaak doet de begrafenisondernemer aangifte van overlijden namens de nabestaanden.

De gemeente zorgt ervoor, dat de Basisregistratie Personen (BRP) wordt aangepast.

U mag de overledene niet eerder dan 36 uur en niet later dan 6 werkdagen na overlijden begraven of cremeren. Wilt u de overledene eerder begraven of cremeren? Dan heeft u toestemming van de officier van justitie en van de burgemeester nodig. Wilt u de overledene later begraven of cremeren? Dan heeft u alleen toestemming van de burgemeester nodig.

Gratis.

Voor informatie kunt u contact opnemen met het Klantcontactcentrum via +31 (0)71 36 60 000.

U doet aangifte bij de gemeente waarin de persoon is overleden.

Zo doet u aangifte van overlijden als u de begrafenisondernemer bent:

Zo doet u aangifte van overlijden:

  • U maakt eerst een afspraak. U kunt hiervoor contact opnemen met het Klantcontactcentrum via +31 (0)71 36 60 000 of maak direct online een afspraak.
  • U neemt het volgende mee:
    • Uw geldige legitimatiebewijs.
    • Verklaring van overlijden (A-verklaring) en een doodsoorzaakverklaring (B-verklaring)¬†voor het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
    • Formulier van de begrafenisondernemer.
    • Bij een onnatuurlijke doodsoorzaak: een verklaring van geen bezwaar crematie/begrafenis, afgegeven door de officier van justitie.
    • Als een crematie of begrafenis moet worden uitgesteld: een verklaring van geen bezwaar, afgegeven door een dokter.
    • Als er een sectie moet plaatsvinden: verlof tot ontleding, afgegeven door de burgemeester.
    • Eventueel het trouwboekje om het overlijden in vast te leggen.

Doe de aangifte voordat de begrafenis of crematie plaatsvindt.

Woonde de overleden persoon in een andere gemeente? U hoeft het overlijden niet zelf door te geven aan deze gemeente. Dit doet de gemeente waarin de persoon overleden is.